Genetische manipulatie lost de honger in de wereld op, beloven de pr-jongens van Monsanto, Shell, Pharming en andere chemie- en voedingsconcerns. Wie vraagtekens zet achter hun mooie verhalen, wordt afgeschilderd als een bange, slecht geïnformeerde ziel. Vergelijkbaar met de negentiende-eeuwer die de komst van de trein verafschuwde. Toch zijn er zéér sterke argumenten tegen genetische manipulatie. Bijvoorbeeld deze: gentech lost het hongerprobleem niet op, maar werkt het juist in de hand!
‘EU wil deur openen voor gen-voedsel,’ kopten de kranten onlangs. De Europese Commissie kwam (heel doortrapt toen het parlement nét met zomerreces was) met het voorstel om het verbod af te schaffen dat sinds 1998 geldt op de introductie van nieuwe genetisch gemanipuleerde gewassen op de Europese markt. ‘Alsof het vertrouwen van de burger nog niet genoeg geschaad is,’ bromt SP-europarlementariër Erik Meijer. De gevolgen van de beleidswijziging zullen volgens Meijer bijzonder groot zijn. ‘Alle lidstaten zullen hun grenzen open moeten stellen voor nieuwe genetisch gemanipuleerde producten. Doen ze dat niet, dan kunnen ze enorme schadeclaims van bedrijven verwachten, die door het Hof van Justitie vrijwel zeker toegewezen worden.’
De Europese Commissie stelt dat er geen bewijs is dat genetisch gemanipuleerd voedsel gevaar oplevert voor de volksgezondheid en dat er dus geen grond is voor het langer tegenhouden van nieuwe producten. Meijer: ‘Geen gevaar? Nou en of dat bestaat! Niet alleen vanwege het manipuleren van voedsel, maar vooral vanwege de manier waarop de biotechnologiebedrijven de wereldvoedselmarkt manipuleren.’
Tientallen jaren lang waren de Filippijnse suikerrietboeren verzekerd van een (karig) inkomen doordat ze de suiker leverden die frisdrankgiganten als Coca-Cola en Pepsi in hun dranken stoppen. De hele Filippijnse landbouw was ingesteld op deze monsterorders. Totdat de heren en dames onderzoekers een foefje ontdekten. Ze ontwikkelden het enzym glucose-isomerase, dat het mogelijk maakt suiker te halen uit gewassen waar dat van nature nauwelijks in zit. Zoals aardappelen en maïs. Daardoor was de frisdrankindustrie niet langer afhankelijk van slechts één gewas, maar kon ze op zoek naar de goedkoopste grondstoffen. Maïs bijvoorbeeld, waarvan Amerikaanse boeren enorme overschotten produceerden die de fabrikanten voor een prikkie konden opkopen.
Het gevolg hiervan was wel, dat de Filippijnse rietsuikermarkt als een kaartenhuis instortte. De prijzen op de wereldmarkt kelderden, plantages werden opgedoekt en tienduizenden Filippijnse landarbeiders raakten van de ene op de andere dag hun inkomen kwijt. De suikercrisis veroorzaakte zelfs hongersnoden.
‘De discussie over genetische manipulatie gaat veel te veel over de gevolgen voor het milieu of de gezondheid,’ vindt landbouwsocioloog Guido Ruivenkamp van de Landbouwuniversiteit Wageningen, ‘en te weinig over wat ik controle op afstand noem. De beslissing wat voor zaad en bestrijdingsmiddelen de boer gebruikt, komt steeds meer bij de agro-industriële multinationals te liggen en alsmaar minder bij de boeren zelf. Die zijn immers door de markt gedwongen zo goedkoop mogelijk te produceren.’ Volgens Ruivenkamp wordt door biotechnologen ten onrechte gedaan alsof de nieuwe technologie ‘politiek neutraal’ is. ‘Maar de hele ontwikkeling is eenzijdig gericht op de belangen van grote, multinationale ondernemingen. Want die zijn erbij gebaat dat hun grondstoffen inwisselbaar worden, zodat zij altijd kunnen kiezen voor het goedkoopste gewas. In het verleden werden boeren bij een slechte oogst ten dele gecompenseerd doordat schaarste leidde tot hogere prijzen. Nu leiden die hogere prijzen onmiddellijk tot overschakeling van de afnemer op een goedkoper alternatief. Deze inwisselbaarheid van gewassen is een rechtstreeks gevolg van de biotechnologie en heeft enorme maatschappelijke en politieke consequenties. Maar een breed maatschappelijk en politiek debat erover is tot op heden niet gevoerd.’
Honger in de wereld is niet het resultaat van onvoldoende productie, maar van ongelijke distributie
De gentech concerns beheersen niet alleen de markt, maar ook het wetenschappelijk denken over moderne landbouw. ‘Omdat onderzoek zo duur is, zijn alleen monsterconglomeraten van bedrijven in staat het uit te voeren,’ zegt Karel Glastra van Loon, schrijver van onder meer Herman, de biografie van een genetische gemanipuleerde stier en co-auteur van het SP-rapport Wat moeten we met genetische technologie? ‘Multinationals die, als de wet in het ene land hen niet aanstaat, hun project moeiteloos naar elders verplaatsen en zich zo aan iedere democratische controle kunnen onttrekken. We moeten ons afvragen of we het leven in handen willen leggen van een kleine groep technologen die pretendeert als enige te weten wat goed is, maar ondertussen winstmaximalisatie als hoogste doel heeft. Die bedrijven gaan de honger in de wereld niet oplossen. Dat is niet rendabel. Het kost een fortuin om die gewassen te ontwikkelen en dat verdien je echt niet terug door de Sahel te eten te geven. Sterker nog: biotechnologie werkt de honger in de hand. We hebben gezien wat de schaalvergroting in de reguliere landbouw teweeg heeft gebracht: het failliet van de kleine boeren en een totale leegloop van het platteland. Biotechnologie houdt een nog verregaander schaalvergroting in. Bovendien is er geen echt voedseltekort in deze wereld. Integendeel: er is meer dan voldoende voedsel. Het feit dat mensen lijden aan en soms sterven door honger is niet het resultaat van onvoldoende productie, maar van ongelijke distributie, verspilling in de rijke landen en gebrek aan politieke wil om dit probleem op te lossen.’
Gentech bedrijven manipuleren niet alleen gewassen, maar ook de markt
Voorstanders van genetische manipulatie van voedingsgewassen wijzen op de mogelijkheid dat die gewassen de gezondheid ten goede komen en dat ziektes en kwalen ermee bestreden kunnen worden. Dankzij genetisch gemanipuleerde rijst met grote hoeveelheden vitamine A bijvoorbeeld, zou blindheid in arme landen tegengegaan kunnen worden. Gebrek aan bepaalde stoffen in het dieet, een belangrijke oorzaak van blindheid in arme landen, wordt echter veroorzaakt door eenzijdige voedingspatronen met als werkelijke reden economische achterstelling en armoede. Dáár iets aan doen leidt tot structurele oplossingen. Via genetische manipulatie wordt een ongezonde toestand echter voortgezet.
Hoe uitgekookt gentech bedrijven niet alleen de gewassen, maar ook de markt manipuleren, illustreert Monsanto's Roundup Ready-lijn van (onder meer) graan, koolzaad en sojabonen. Door enige genetische aanpassingen zijn de gewassen resistent tegen Roundup pesticide, waarvan het patent eveneens in handen is van Monsanto. De afnemer van Roundup soja, zit dus ook automatisch aan Roundup pesticide vast! Het argument voor gebruik van dit middel is, dat er veel minder gif gespoten hoeft te worden dan bij reguliere landbouwmethodes. Om gebruik van bestrijdingsmiddelen te voorkomen of te verminderen, bestaan echter allang meer milieuvriendelijke landbouwkundige technieken. Aardappelziekte bijvoorbeeld, kan verhinderd worden door aardappelen met bepaalde tussenpozen niet op dezelfde grond te telen. Ook voor andere gewassen kan de levenscyclus van insecten of virussen op een vergelijkbare wijze doorbroken worden, waardoor ziekte wordt voorkomen. Bij koppeling aan minder grootschalige en minder eenzijdige teelt, zijn bestrijdingsmiddelen vrijwel overbodig – en het genetisch manipuleren van voedingsgewassen, met alle bijkomende risico's, dus ook. De meeste bioboeren werken al met dit soort landbouwmethoden.
Overigens valt het succes van Roundup nogal tegen. Greenpeace meldde onlangs dat er twee tot vijf maal zoveel gif wordt gebruikt als aanvankelijk was voorgerekend, terwijl de opbrengsten niet groter zijn dan bij traditionele soja.
"Gene Pharming spande allerlei patiëntenverenigingen voor hun karretje. Schofterig gewoon!"
Niks compassie met mens en natuur, winstbejag is de motor achter de gentech, weet Karel Glastra van Loon. In het boek Herman, de biografie van een genetisch gemanipuleerde stier ontrafelen hij en co-auteur Karin Kuiper de ware bedoeling achter de conceptie van het stiertje dat ziektes zou genezen. ‘Eigenlijk had het Herman-experiment niet eens mogen plaatsvinden. Er zijn in Nederland duidelijke voorwaarden voor genetische manipulatie van dieren: het mag niet, tenzij er een levensreddend medicijn geproduceerd kan worden waarvoor geen alternatief bestaat. Dat was hier helemaal niet het geval. Het ging Gene Pharming, nu Pharming geheten, erom koeien te fokken met lactoferrine in hun melk. Dat is geen geneesmiddel, maar een voedingssupplement. In Nederland verkocht het bedrijf het onderzoek als van essentiële medische waarde. Tegelijkertijd werden er in Amerika aandelen uitgezet. Dat werd gepromoot met brochures vol optimistische cijfers, over hoe groot het aandeel op de babyvoedingmarkt zou worden. Ergens helemaal onderaan stond in twee regels dat er eventueel een medische toepassing van lactoferrine mogelijk zou kunnen zijn: voor een bepaald soort ziekenhuisvoeding. En ondertussen in Nederland maar volhouden dat het van essentieel belang is voor de volksgezondheid, dat MS- en reumapatiënten er baat bij zouden kunnen hebben. Allerlei patiëntenverenigingen werden voor hun karretje gespannen. Schofterig gewoon!’
Biotechnologische bedrijven krijgen dus steeds meer grip op de voedingsindustrie, maar ondervinden ook verzet. In 1998 staken zestig leden van de Indiase boerenbeweging KRRS een proefveld met genetisch gemanipuleerd zogenaamd bt-katoen in brand. Ook bestormden boeren een kantoor van Monsanto in de Indiase stad Hyderabad. De acties richtten zich tegen de Terminator Technology. Deze techniek maakt gewassen onvruchtbaar, zodat boeren geen zaad van hun oogst kunnen achterhouden voor het volgende seizoen, maar elk jaar nieuw zaad moeten kopen – bij Monsanto.
Eind 1999 liet de fabrikant weten zijn experimenten met Terminator-gen stop te zetten. Of dit daadwerkelijk gebeurd is, is uiterst schimmig. Delta & Pine Land Seed Co, mede-eigenaar van het patent op Terminator zegt namelijk gewoon verder te gaan met de commerciële ontwikkeling van steriele zaden. Saillant detail is dat Delta & Pine Land in 1998 samenging met... Monsanto! Zo zorgen de voortdurende fusies en daardoor veranderende structuren en namen ervoor, dat bedrijven als Monsanto officieel het boetekleed aan kunnen trekken, maar intussen via een aangekochte onderneming gewoon verder gaan met het ontwikkelen van omstreden technieken.
"Niet te geloven! Eerst vervuilen ze mijn land en vervolgens willen ze de opbrengst"
Over de ecologische gevolgen die de verspreiding van gewijzigde genen in de natuur teweeg brengen, is nog nauwelijks iets bekend. Wel is duidelijk dat gemanipuleerde gewassen zich niets aantrekken van de grens van het perceel waar ze gezaaid zijn. Vorig jaar daagde Monsanto zestien Canadese boeren voor de rechter omdat zij illegaal Roundup Ready-koolzaad zouden verbouwen. Detectives van Robinson Investigation Ltd. hadden door Monsanto gepatenteerd genetisch gemodificeerd koolzaad op het land van de boeren aangetroffen. Percy Schmeiser, een van de aangeklaagden, draaide de rollen om en diende een schadeclaim van tien miljoen dollar in omdat Monsanto zijn traditionele velden had besmet. De zeventigjarige boer verbouwt al veertig jaar koolzaad. ‘Niet te geloven dat ze dit doen,’ zegt Schmeiser in een documentaire die de RVU destijds uitzond. ‘Eerst vervuilen ze mijn land en vervolgens willen ze de opbrengst. Het probleem is dat er veel gewassen met het gemodificeerde gen van Monsanto in mijn omgeving staan. Het stuifmeel waait gewoon over door de wind. Soms zie je grote bruine wolken koolzaad afwaaien van de hier rondrijdende vrachtwagens.’ Schmeiser verwijt Monsanto smaad, grote nalatigheid ten aanzien van het milieu, wederrechtelijk betreden van grond en het nemen van monsters op privé-terrein.
Ook in Nederland wil het wel eens voorkomen dat transgene en traditionele gewassen per abuis gemengd worden. Vorig jaar verbood het ministerie van VROM de teelt van genetisch gemanipuleerde aardappelen. Aardappelzetmeelconcern Avebe had toen op illegale wijze enkele honderden hectaren transgene aardappelen gepoot. Het Openbaar Ministerie zag af van vervolging, omdat Avebe de aardappelen inmiddels had laten doodspuiten. Op de velden schieten nu echter de overgebleven transgene aardappelen op tussen de nieuw aangeplante ‘gewone’ piepers.
Problemen zijn ook te verwachten als genetisch gemanipuleerde dieren ontsnappen. Neem de zalm. Daarvan zijn de genen zo te wijzigen dat ze tegen hun natuur in het hele jaar door blijven eten. Met als gevolg dat ze razendsnel vele malen groter worden. Omdat zalm niet in een laboratorium gekweekt wordt, maar bijvoorbeeld in fjorden, is de kans bijzonder groot dat er reuzenexemplaren ontsnappen en zich mengen met hun natuurlijke soortgenoten. Met alle onvoorspelbare gevolgen van dien.
Wat is genetische manipulatie?
Genetische manipulatie is knip- en plakwerk met levend materiaal. Ieder levend organisme – planten, mensen en dieren – bestaat uit cellen. Elke cel bevat DNA waarin de erfelijke eigenschappen vastliggen. In virussen en bacteriën zit ook DNA. Bij genetische manipulatie worden genen, stukjes DNA, uit het ene organisme ‘geknipt’ en in het andere organisme ‘geplakt’. Zo kan aan maïs bijvoorbeeld een erfelijke eigenschap van suikerriet worden toegevoegd, of aan een varken een menselijke eigenschap.
Alles valt buiten de categorie gentech-vrij’
Dagelijks eten we producten als pizza, soep, chocola, pindakaas en sausjes waarin genetisch gemanipuleerde soja of maïs is verwerkt. In het blad Ravage stelt Trix Kruger van het Nederlands Platform Gentechnologie: ‘In 1996 bevatte 60 procent van de levensmiddelen genetisch gemanipuleerde soja. Inmiddels is daar de gemanipuleerde maïs aan toegevoegd, dus zal het percentage wel gegroeid zijn.’
Nederland kent een etiketteringswetgeving die bepaalt, dat de verpakking van producten moet vermelden of er genetisch gemanipuleerde ingrediënten in zitten. Dat is het geval als er de volgende tekst op staat: ‘Genetisch gemodificeerde soja/maïs’. De wetgeving schiet echter tekort. Zo hoeft niet alles geëtiketteerd te worden. Bij soja-eiwit moet het bijvoorbeeld wel, bij soja-olie weer niet. Bovendien komen er aanzienlijke hoeveelheden genetisch gemanipuleerde soja en maïs via het veevoer in onze voedselketen terecht. Volgens een enquête die het NIPO onlangs uitvoerde in opdracht van Greenpeace, ontbreekt het bij het publiek in ernstige mate aan kennis over genetische manipulatie. Het grootste deel van de ondervraagden wijt dat aan gebrekkige informatie vanuit de overheid en bedrijfsleven. Niet zo verwonderlijk, gezien het pleidooi van de Nederlandse Voedings Industrie (NVI), de vereniging van onder andere Unilever, Campina, Avebe en CSM, om producten als ‘gentech-vrij’ aan te prijzen waar wel degelijk gemanipuleerde grondstoffen in verwerkt zitten. NVI-voorzitter Broekhuis in de NRC: ‘We willen de consument een keuze geven maar met de huidige regels kan dat niet: alles valt buiten de categorie ‘gentech-vrij’.’ Ondanks het veelvuldig voorkomen van genetisch gemanipuleerde ingrediënten in ons voedsel is volgens tal van wetenschappers onvoldoende bekend wat daarvan het effect is op mens en dier. Een genetisch gemanipuleerd gewas produceert bijvoorbeeld een eiwit dat er van nature niet in voorkomt. Bij mensen kan dit leiden tot allergische reacties. Veel planten zijn bovendien ongevoelig gemaakt voor antibioticum. Wordt die eigenschap overgedragen op ziekteverwekkende bacteriën, dan is dit veelgebruikte geneesmiddel zowel voor mens als dier nutteloos.
Gepubliceerd in augustus 2000